“Voordat de bergen geboren waren, voordat U aarde en wereld had voortgebracht, van eeuwigheid tot eeuwigheid bent U God.” — Psalm 90:2
Bergen roepen iets in ons wakker. Ze maken ons stil, klein, aandachtig. Wie voor een berg staat, voelt: dit is groter dan ik, ouder dan mijn plannen, standvastiger dan mijn zorgen.
Psalm 90 zet ons midden in die ervaring. Nog vóór de bergen hun plek kregen, nog vóór aarde en wereld vormden wat wij kennen, was God er al. Niet als toeschouwer, maar als oorsprong. Niet gebonden aan tijd, maar dragend door alle tijden heen.
In een leven dat vaak draait om snelheid en controle
nodigt deze psalm ons uit tot een ander perspectief.
Zoals bergen niet groeien door haast, zo groeit wijsheid niet door drukte. Bergen leren ons wachten, vertrouwen, blijven staan.
Afgelopen week was ik in de bergen en dan neem ik graag de tijd om de grootsheid van de schepping toe te laten. Een wandeling, een vergezicht, een foto van bergen — niet om te consumeren, maar om te ontvangen. Soms leg ik mijn eigen zorgen naast de bergen. Wat vandaag onoverkomelijk lijkt, staat in het licht van een God die er al was vóór alles begon.
Laat je keuzes deze week kleuren door het besef dat jij niet alles hoeft te dragen. Jij mag leven, werken en geloven in het vertrouwen dat God stand houdt wanneer jij wankelt.
Bergen herinneren ons eraan dat wij tijdelijk zijn — en God eeuwig. Dat onze dagen kwetsbaar zijn — en Zijn trouw vast.
Deze psalm brengt mij altijd weer tot verwondering, tot nederigheid, en tot rust in de God die groter is dan de bergen en dichterbij dan ik vaak denk.
Jan Jaap